dagboek > overzicht
Dagboek febrewary 2026Bekiek hele maand 
 
19 febrewary om 17:06
 
“De burgemeester is hoeder van het midden”





In het Logegebouw van de Odd Fellows in Sneek sprak burgemeester Jannewietske de Vries van de gemeente Súdwest-Fryslân donderdagmiddag over verbinding en polarisatie. Wie een abstracte beleidslezing verwachtte, kwam bedrogen uit. Wat volgde was een persoonlijk, doorleefd verhaal waarin jeugdherinneringen, levenscrises en bestuurlijke keuzes in elkaar grepen. Een zeer boeiende lunchlezing die er toe deed!

“Toen ik deze lezing voorbereidde,” zegt ze halverwege, “zag ik ineens een hele mooie rode draad door mijn leven.” Die rode draad begint op het ijs.
Besturen op de schaatsclub

“Mijn bestuurlijke carričre is begonnen bij jeugdschaatsvereniging De Gouden Reed in Grou,” vertelt ze met een glimlach. Als jong meisje organiseerde ze wedstrijden, regelde prijzen bij winkeliers, zorgde voor kascontrole en een scheidsrechter. “Eigenlijk leerde je daar spelenderwijs al besturen.”

Ook taal diende zich vroeg aan. Als tienjarige werkte ze mee aan hoorspelen bij de regionale omroep, de toenmalige RONO. “Ik was een tienjarige die goed kon lezen, een heldere stem had, taalgevoel.” Het spreken, het verwoorden, het publiek meenemen, het zit diep in haar. Maar verbinding werd pas echt een thema toen ze die verloor. Op haar zestiende verhuisde ze naar Hellevoetsluis. “Ik was totaal mijn identiteit kwijt,” zegt ze. “Ik was eigenlijk totaal uit verbinding.”

De jonge puber bleef een tijd thuis van school. Haar ouders duwden niet, maar gaven ruimte. Langzaam vond ze zichzelf opnieuw uit. “Wie ben je eigenlijk? Wat wil je? Wat doet ertoe?” Die vragen zouden haar blijven begeleiden.

“Ik ben van de publieke zaak”

Na haar studie keerde ze bewust terug naar Friesland. “Ik wil terug, ik moet nog wortelen,” vertelt ze. Haar keuze voor het openbaar bestuur was principieel. “Ik ben niet iemand voor het bedrijfsleven. Ik ben van de publieke zaak. Ik ben eigenlijk van iedereen.” Dat ‘van iedereen’ is geen slogan, maar een waarde uit haar jeugd. “Iedereen doet ertoe. Je bent niet meer en ook niet minder dan iemand anders.”

Op haar verjaardagen kwam de hele klas; niemand werd buitengesloten. Haar loopbaan ontwikkelde zich snel, raadslid op haar 28ste, werk bij de provincie, later gedeputeerde. Maar het persoonlijke leven bracht opnieuw een breuk. De kinderwens bleef onvervuld. “Dat bracht me weer heel erg uit verbinding,” zegt ze openhartig. De vraag werd existentieel: “Wat is de bedoeling van mijn leven? Wat geef ik door?”

Ze vond een antwoord in een andere vorm van nalatenschap: een boerderij in Raerd die uitgroeide tot familieplek. “Het is toch een familieplek geworden. Dat is me ontzettend dierbaar.”

Ook in haar publieke werk zocht ze betekenis. Als gedeputeerde zette zij zich in voor Leeuwarden-Fryslân Culturele Hoofdstad. “Ik wil Friesland optillen,” zegt ze. Vandaag, als burgemeester, voelt ze dat alles samenkomt. “Dit is het mooiste werk wat ik op dit moment kan doen.”

Polarisatie uitgelegd en weerlegd

Tijdens haar lezing grijpt De Vries niet alleen naar eigen ervaringen. Ze laat twee filmpjes zien die haar denken over polarisatie hebben beďnvloed. Eerst een animatie waarin helder wordt uitgelegd wat polarisatie eigenlijk is: tegenpolen, brandstof, wij-zij-denken. Verschillen van mening zijn niet het probleem, zo klinkt het, maar het moment waarop we de ander niet meer als gelijkwaardig zien.

Daarna volgt een fragment van polarisatiedeskundige Bart Brandsma, die de “drie basiswetten van polarisatie” en de verschillende rollen schetst, van ‘pushers’ aan de uitersten tot bruggenbouwers en het zwijgende midden. De burgemeester noemt hem expliciet “de polarisatie-expert van Nederland” en haalt vooral één inzicht aan: je moet niet de uitersten bestrijden, maar het midden versterken.

“Ik vind de kunst van het burgemeesterschap: op zoek gaan naar het stille midden. Hoe groter en sterker we het midden maken, hoe meer je hoort waar de kracht van de samenleving zit.”

Ze verwijst ook naar socioloog Jan Willem Duyvendak, die stelt dat de kloof in Nederland vaak groter wordt ervaren dan feitelijk het geval is. Dat relativeert zonder te ontkennen. Want emoties zijn reëel, ook als cijfers nuance brengen.

Noorderhoek: draagvlak in een volkswijk

Die gedachte krijgt concreet gewicht in de discussie over de opvang van asielzoekers in Sneek. De komst van een AZC had kunnen uitmonden in felle tegenstellingen, zoals elders in het land.

“We hebben hier natuurlijk ook een discussie over de vluchtelingenopvang gehad,” zegt De Vries. “Maar wij hebben dat mooi op tijd met elkaar goed geregeld in de gemeenteraad en in de samenleving.”

Met nadruk spreekt zij haar waardering uit voor de Noorderhoek, de volkswijk waar het AZC gevestigd werd. “Ik heb heel veel waardering voor de Noorderhoek als volkswijk, hoe die dat met elkaar steeds gedragen hebben.”

Voor haar is dat het stille midden in actie: bewoners die zorgen hebben, maar ook verantwoordelijkheid nemen. “Ik ben heel blij met onze bestuurscultuur,” voegt ze eraan toe.

De Furmerusflat: aanwezig zijn

Dat verbinding ook in rauwe omstandigheden betekenis krijgt, blijkt wanneer ze spreekt over de schietpartij in de Furmerusflat in de Noorderhoek. Een vrouw werd daar neergeschoten; haar partner pleegde zelfmoord. De vrouw overleed later.

“Dan informeer ik direct een klein team,” vertelt ze. Maar ze blijft niet achter een bureau. “Ik ben direct naar de flat gegaan.” Daar is ze ‘burgermoeder’ voor bewoners die het geweld hebben gehoord of gezien. Tegelijk beschermt ze hen tegen mediadruk. “Dan ga je de bewoners beschermen.” In haar publieke reactie benoemt zij wat volgens haar gedeeld wordt: “Dat we veilig willen wonen in een fijne buurt.” Daarna volgt overleg met woningcorporatie en partners. Rollen wisselen elkaar af: beschermer, bestuurder, bevoegd gezag. En steeds weer: taal. “Taal is heel erg belangrijk. Welke woorden kies je?”

De Vries gelooft sterk in fysieke nabijheid. Het college vergadert regelmatig in dorpshuizen. Nieuwjaarsrecepties werden vervangen door een rondreizende Fjoertoer langs dorpen en wijken. “Ik wilde graag naar de gewone mens,” zegt ze. Ook mensen die zich afkeren van de overheid probeert zij niet los te laten. “Er zit een vraag onder. Er zit een zorg onder.” Haar inzet is vasthoudend: “We gaan ze één voor één terug veroveren in contact.”

Liefde als bestuurlijke houding

Aan het einde van de middag klinkt applaus, maar ook kritische vragen. Over rellen elders in het land. Over veiligheid en draagvlak. De burgemeester antwoordt bedachtzaam, zonder zich te verschuilen. Wat blijft hangen, is geen politiek programma, maar een houding. Kwetsbaar waar het kan, standvastig waar het moet. Ze noemt zichzelf “onbewust bekwaam” wanneer ze terugkijkt op haar levensloop, pas bij reflectie ziet ze hoe persoonlijke ervaringen haar bestuurlijke stijl hebben gevormd.

Verbinding is bij Jannewietske de Vries geen beleidswoord. Het is werk. Dagelijks werk. Of zoals haar lezing impliciet duidelijk maakt: de burgemeester is hoeder van het midden en dat midden begint bij de bereidheid om te luisteren.